“Metafoor”

Op een middag kwam een hond in de tempel met de duizend spiegels. Toen hij door de poort ging, keken uit duizend spiegels duizend honden naar hem. Hij werd bang, liet zijn tanden zien en gromde. Toen gromden uit de spiegels duizend honden met ontblote tanden terug. De hond trok zijn staart in en liep weg met de overtuiging: de wereld is vol met boze honden. Nooit meer kwam hij terug naar de tempel met de duizend spiegels.

Een andere hond had van de tempel met de duizend spiegels gehoord. Hij wist niet wat spiegels waren, maar zijn verlangen om de tempel te bezoeken was groot. Na een tocht van enkele weken kwam hij bij de tempel aan. Hij liep de trappen op. Toen hij door de poort ging, keken duizend honden hem aan. Dat verheugde hem en hij kwispelde met zijn staart. Hij verliet de tempel met het bewustzijn: de wereld is vol vriendelijke honden. Van nu af aan ging hij dagelijks naar de tempel met de duizend spiegels.